Nieuwsbericht

 

Nieuwsbericht

Reactie NVNG Pluvicto besluit

Met grote teleurstelling heeft de Nederlandse Vereniging voor Nucleaire Geneeskunde kennis genomen van het besluit van de minister van VWS om Lutetium-177-PSMA-617 (Pluvicto) niet op te nemen in het basispakket van de zorgverzekering. Met dit besluit is de toegankelijkheid van deze unieke, effectieve behandeling voor een groot deel van de Nederlandse patiënten met uitgezaaide prostaatkanker onmogelijk geworden. De door de minister aangehaalde alternatieven, klassieke chemotherapie met cabazitaxel, danwel het door enkele ziekenhuizen in-huis bereide Lutetium-177-PSMA-I&T zijn geen realistische voorstelling van de stand van zaken. Het bijwerkingenprofiel van cabazitaxel en de impact hiervan zijn van een andere orde dan van Pluvicto. Om louter op basis van kosten hiernaar te verwijzen doet geen recht aan de patiënten om behandeld te worden met een beschikbaar middel dat zeer goed verdragen wordt, dat leidt tot een langer leven met in veel gevallen een belangrijke verbetering van de kwaliteit van leven. Bovendien is Pluvicto een “targeted radionuclide therapy” (TRT), en behoort daarmee tot een heel andere klasse dan de thans beschikbare kankergeneesmiddelen (chemotherapie, doelgerichte therapie en immunotherapie). Ook Lutetium-177-PSMA-I&T is een TRT. Dit is echter een niet geregistreerde variant van therapie met radioactief PSMA, die niet op voldoende schaal beschikbaar is. Dit middel wordt wel vergoed in de basisverzekering. Het kiezen voor lokale bereiding van lutetium-PSMA-I&T in ziekenhuisapotheken tegen schijnbaar lagere kosten lijkt aantrekkelijk, maar helaas schiet de capaciteit van de ziekenhuisapotheken op dit moment tekort in Nederland. Dit vormt een risico voor gelijke toegang tot deze therapie binnen de Nederlandse gezondheidszorg. Buiten de Randstad is het aantal ziekenhuizen, dat deze behandeling aanbiedt, erg beperkt. Om een inhaalslag te maken zullen vele ziekenhuizen moeten investeren in een laboratoriuminfrastructuur, die nu niet aanwezig is. De personele en infrastructurele kosten tijdens het opstarten én voor het instand houden van de voorzieningen zijn door de minister gemakshalve niet meegenomen. De inzet van mensen én middelen is nu al een grote uitdaging in deze tijden van ernstige personele krapte in de zorg. Bovendien zal het veel tijd kosten, voordat er landelijke dekking van de behandeling gerealiseerd is. Deze tijd hebben onze patiënten niet. Door het trage besluitvormingsproces met een nu negatieve uitkomst loopt Nederland al jaren achter op ons omringende landen in Europa, waar het wél vergoede zorg is. Hierdoor is er sprake van ongelijkheid, die niet uit te leggen is in de spreekkamer.

Hoewel de negatieve impact van de beslissing van de minister van VWS in eerst instantie onze patiënten hard treft is, is het daarnaast bijzonder wrang dat de Nederlandse overheid jaren geleden het belang van de nucleaire geneeskunde voor de gezondheidszorg onderschreven heeft met een staatsdeelneming van miljarden euro’s in de nieuwe Pallas-reactor in Petten, die gebouwd wordt juist om de voorziening van medische isotopen te garanderen. De producten van Pallas zullen over de hele wereld gebruikt gaan worden, maar de Nederlandse patiënt mag vanaf de zijlijn toekijken.

In het belang van onze patiënten hoopt de Nederlandse Vereniging voor Nucleaire Geneeskunde zeer, dat de minister haar besluit zal herzien en overgaat tot vergoeding van Pluvicto in het basispakket.